Nu geen verzendkosten Veilig en vertrouwd betalen met iDeal Hovenier? bekijk de kortingen

Meststoffen – De basisprincipes

Het aanleggen en onderhouden van een gezond gazon vereist een integrale aanpak om de groeiomgeving te optimaliseren. Naast de hoeveelheid zonlicht, temperatuur (bodem en lucht), bodemgesteldheid en vocht, is ook het toedienen van een uitgebalanceerd reeks voedingsstoffen belangrijk.

 

Welke voedingsstoffen heeft mijn gazon nodig?

Voor een gezond gazon moet gras van elk van onderstaande elementen de juiste hoeveelheid aan de bodem en lucht onttrekken. Van de macronutriënten zijn vaak veel groter hoeveelheden nodig dan van de micronutriënten.

Macronutriënten                                                                           Micronutriënten

Stikstof Chloor
Kalium Borium
Fosfor IJzer
Calcium uit bodemoplossing Mangaan uit bodemoplossing
Magnesium Zink
Zwavel Koper
Molybdeen
Koolstof
Zuurstof uit lucht en water
Waterstof

 

De voedingsstof die plantengroei stimuleert, is stikstof. Een zorgvuldig gebruik van stikstof draagt bij aan een goede grasdichtheid en slijtvastheid, helpt het gras perioden van stress goed door te komen en stimuleert een aantrekkelijke kleur. Een grasmat met een tekort aan stikstof is dun, vergeeld, oneffen en vatbaar voor ziektes. Een overmatig gebruik van stikstof daarentegen resulteert in een weelderige, zachte grasmat met veel organische stoffen. Dit leidt tot een gazon dat minder goed bestand is tegen betreding en ziektes.

In sommige gevallen is alleen stikstof nodig om een gezonde grasgroei te bevorderen. Maar bij een onevenwichtige verdeling van de andere voedingsstoffen in de bodem profiteert het gras niet optimaal van de toegediende stikstof. In het kader van een bemestingsprogramma wordt het daarom het beste beschouwd in sommige perioden van het jaar aanvullende elementen toe te dienen.

 

Wat doet een meststof?

Meststoffen voorzien planten van essentiële chemische elementen die nodig zijn voor groei. Ze bevatten geconcentreerde voedingsstoffen voor planten in kunstmatige en/of organische vorm. Veel van deze meststoffen bevatten alleen macronutriënten die het gras in relatief grote hoeveelheden nodig heeft. Andere bevatten ook micronutriënten.

De meeste meststoffen zijn gebaseerd op de volgende drie macronutriënten:

  • Stikstof (N) om plantaardige eiwitten op te bouwen voor een gezonde groei van de grasmat
  • Fosfor (P) voor een gezonde scheut- en wortelgroei, vooral bij zaailingen
  • Kalium (K) voor algemene weerstand en een goede werking van de huidmondjes onder warme, droge omstandigheden

Fabrikanten zijn wettelijk verplicht op het productetiket informatie te verstrekken over het gehalte voedingsstoffen in hun meststoffen. Dit wordt uitgedrukt als verhouding van de NPK-voedingsstoffen. Zo bevat de verhouding 24:5:12 (Landscaper Pro: Maintenance) 24% stikstof, 5% fosfor en 12% kalium, terwijl een verhouding van 20:20:8 (Landscaper Pro New Grass) 20% stikstof, 20% fosfor en 8% kalium bevat. Ook de andere macro- en micronutriënten in het product worden op het etiket vermeld, samen met de bron van de voedingsstof.

 

Soorten meststoffen

Meststoffen zijn in allerlei vormen verkrijgbaar. Dit is afhankelijk van het productieproces. Vaste meststoffen zijn er in de vorm van parels, korrels, samengeperste pellets, poeders, kristallen en gecoate producten. Een vloeibare meststof kan iedere enkelvoudige, enkelvoudig samengestelde of meervoudig samengestelde stof zijn die gemakkelijk in water oplost om een vloeistof te verkrijgen. Deze meststof kan in vloeibare vorm worden gekocht of als oplosmeststof die vlak voor het toedienen wordt opgelost.

De twee voornaamste bronnen van voedingsstoffen in meststoffen kunnen in twee soorten worden verdeeld: anorganisch (kunstmatig) en organisch (van plantaardige of dierlijke oorsprong).

Anorganische meststof of organische meststof?

De voedingsstoffen in een anorganische meststof zijn ‘kunstmatig’ of van minerale oorsprong. Deze zijn over het algemeen allemaal oplosbaar en vormen een direct beschikbare voedingsbron voor het gazon. Gangbare bronnen van voedingsstoffen zijn:

  • Ammoniumsulfaat
  • Ammoniumnitraat
  • Kaliumnitraat
  • Kaliumchloride
  • Superfosfaat

Organische meststoffen daarentegen zijn afkomstig van voorheen levende dingen (planten en dieren). Ze worden gebruikt omdat de stikstof langzamer vrijkomt dan uit anorganische bronnen. Micro-organismen moeten namelijk deze meststoffen eerst afbreken voordat het gras ze kan opnemen. Daarom hebben organische meststoffen een ‘actief’ bodemleven nodig met een bodemtemperatuur van ten minste 10 ⁰C en voldoende bodemvocht. Gangbare bronnen van voedingsstoffen zijn:

  • Bloedmeel
  • Hoef- en hoornmeel
  • Mestkorrels

Als onderdeel van een algeheel bemestingsprogramma biedt het gebruik van organische meststoffen een aantal voordelen, vooral het stimuleren van een gezond bodemleven. Als ze echter als enige bron van stikstof worden gebruikt, kunnen deze organische stoffen echter schimmelziekte, onkruidplagen en wormhoopjes op de grasmat in de hand werken.

Anorganische en organische producten zijn te koop als de volgende soorten meststoffen:

  • Enkelvoudige stof – bevat slechts één voedingsstof. Ammoniumnitraat bevat bijvoorbeeld alleen stikstof.
  • Enkelvoudig samengestelde stof – bevat twee voedingsstoffen uit één bron. Zo bevat kaliumnitraat zowel stikstof als kalium.
  • Meervoudig samengestelde stof – een mix van twee of meer voedingsstoffen door het combineren van enkelvoudige en/of enkelvoudig samengestelde producten, of door het vormen van een homogene samengestelde stof via het granulatieproces. Ze kunnen gebalanceerd zijn (alle belangrijke voedingsstoffen voor planten in ongeveer dezelfde verhouding) of meer van bepaalde voedingsstoffen hebben dan van andere al naar gelang de eisen van verschillende gewassen. Ze kunnen organisch of anorganisch zijn of beide stoffen bevatten.
  • Gecontroleerd vrijkomen – doorgaans anorganische meststoffen met een coating van poreus materiaal, zoals zwavel of hars. Water dringt de korrel binnen en de voedingsstoffen komen langzaam vrij, afhankelijk van de bodemtemperatuur. Als de temperatuur stijgt, verloopt het vrijkomen sneller, net als bij het gras dat tijdens warm weer ook sneller groeit. Er zijn producten verkrijgbaar met verschillende afgiftepatronen voor allerlei situaties en onderhoudsschema’s. Landscaper Pro Allround 24:5:8+2%MgO bijvoorbeeld, heeft een afgiftepatroon van 4 à 5 maanden, terwijl bij Landscaper Pro Full Season 27:5:5+2%MgO de voedingsstoffen gedurende een periode van 8 à 9 maanden vrijkomen.
  • Langzaam vrijkomen – meestal organische stoffen waarbij het afbreken en vrijkomen van de voedingsstoffen voor planten afhankelijk is van micro-organismen.

 

Welk effect heeft een meststof op de pH van de bodem en waarom is dat belangrijk?

Het toedienen van meststof kan de pH van de bodem al dan niet beïnvloeden. Dit hangt af van de stikstofbron in het gekozen product. Zo heeft ammoniumsulfaat een verzurend effect, wat de ontwikkeling van breedbladige onkruidsoorten en beemdgras tegengaat. Als zodanig verdient deze meststof de voorkeur voor fraaie siergazonnen met fijn zwenkgras. Kaliumnitraat daarentegen heeft alkaliteit in de wortelzone van de grasmat tot gevolg waardoor de pH in de loop van tijd toeneemt. Dit kan de samenstelling van de graszode beïnvloeden en het gras kwetsbaarder maken voor ziektes. De stikstofbron in een meststof is daarom zeer belangrijk en is iets om rekening mee te houden.

 

Welke meststof heb ik nodig?

De mate en beschikbaarheid van elk element in een bodem varieert naar gelang het type grond (zand, silt of klei) en de pH. Dit kan door bodemonderzoek worden vastgesteld. Bij zandbodems spoelen voedingsstoffen vaker uit omdat deze bodems dergelijke stoffen niet goed vasthouden. Daarom moet dit type bodem regelmatiger gecontroleerd worden dan een kleibodem.

Eerst moet er een representatief bodemmonster worden genomen van het te behandelen gebied. Daarna moet een chemische analyse van de bodem uitwijzen welke voedingsstoffen er bij het toedienen van een meststof nodig zijn en in welke mate. Vervolgens kan de juiste meststof worden gekozen. Dit na een zorgvuldige afweging van de afzonderlijke eisen van het gebied, zoals esthetische kwaliteiten, omgevingsvariabelen (bodem, klimaat, ligging), samenstelling van de grassoorten, gebruik (of de grasmat bestand is tegen belasting) en onderhoud (maaifrequentie, maaihoogte, afvoeren van maai-afval).

Geinteresseerd? Vraag snel een gratis proefpakket aan of bestel onze producten in de webshop!